OU TOPOS / Utopie in de kunsten

For English, see below

In de bouwkunst beginnen grote projecten vaak met grote idealen. De flats die tegen het einde van de jaren zestig in de Amsterdamse Bijlmer verrezen, zouden worden omgeven door een oase van natuur. Architect Siegfried Nassuth poogde met zijn ontwerp voor de omgeving van de eveneens door hem ontworpen Bijlmerflats een ode te brengen aan het natuurrijke gebied in Indonesië waarin hij opgroeide. De flatbewoners zouden dan wel geen eigen tuin krijgen, maar zouden desondanks kunnen genieten van de wonderen van de natuur. Een gevarieerde compositie van bomen, struiken en wateren zouden samen een bos vormen waarin de bewoners konden verdwalen. Bezuinigingen en veiligheidsmaatregelen kregen prioriteit en de bebossing werd keurig, overzichtelijk en bood tot verdwalen geen kans. Het project kwam niet helemaal van de grond: de Bijlmertuin bleef onderdeel van een droomproject.

Circa vijfhonderd jaar eerder, in 1516, muntte de Engelse humanist Thomas Moore de term ‘utopie’ in zijn gelijknamige publicatie. Met deze term worden projecten als dat van Nassuth vandaag de dag nog steeds bestempeld. Het idee van een ideale plaats (topos) die geen (ou) werkelijkheid kan zijn heeft architecten, maar ook kunstenaars en academici sindsdien beziggehouden. Ook heden ten dage is het denken over alternatieve en ideale werkelijkheden een belangrijke thematiek in de kunsten. Zo werd in 2016 het Congres van de Utopie georganiseerd in Amsterdam, en is utopie onderwerp geweest van meerdere tentoonstellingen in Nederland en daarbuiten. Op de Biënnale van Venetië werd in 2003 de tentoonstelling Utopia Station georganiseerd, waar werken van ruim 150 kunstenaars tentoon werden gesteld. Kunstmanifestaties bedienen zich vaak van utopisch-idealistische taal en verkondigen visies van een betere toekomst: het Utrechtse platform BAK heeft sinds 2017 een doorlopend programma getiteld Towards being together otherwise. Deze spreuk lijkt goed van toepassing op het dystopisch ontwikkelende crisisjaar 2020.

Tijdschrift Article verwelkomt graag artikelen die aansluiten op het thema Utopie in de kunsten. Onderwerpen waaraan gedacht kan worden zijn:

  • Utopische bouwprojecten (Nagele, Kanaleneiland, Owens Dorp, etc.);
  • Utopische kunstenaarskoloniën, manifestaties en kunstenaarsgroepen;
  • Institutioneel utopisme;
  • Manifesten (futurisme, dadaïsme, etc.);
  • Kunsteducatie en -propaganda voor een betere wereld (Bauhaus, etc.);
  • De rol van de kunstenaar in de toekomst (Der Blaue Reiter, Kandinsky, etc.).

Voorstellen voor artikelen kunnen tot 11 mei worden ingediend. De deadline voor het volledige artikel is 1 juni. Artikelen zijn tussen de 1500 en 3000 woorden. We zijn tevens op zoek naar een kunstenaarsbijdrage in tekst en/of beeld. Artikel voorstellen en ideeën voor kunstenaarsbijdragen kunnen gemaild worden naar article@stichting-art.nl.

Banneromslag: Amsterdam, Bijlmer, circa 1975, Siegfried Nassuth (foto: Dienst Stadsontwikkeling Amsterdam).


OU TOPOS / Utopia in the arts

In architecture, ambitious projects are often conceived together with equally ambitious ideals. The flats that were constructed during the late sixties in Amsterdam’s Bijlmer city-borough, for example, were originally intended to be surrounded by nature. With his design, architect Siegfried Nassuth aimed to pay tribute to the Indonesia in which he grew up. Although the inhabitants of each flat would not have a private garden, they would still have access to the wonders of nature. Through the planting of a large diversity of flowers, shrubs, trees, and ponds, a jungle would be formed in which the inhabitants could wander around, perhaps even getting lost. The project would not be realised as initially envisioned due to financial shortages, safety requirements, and other practical obstacles prevailing over Nassuth’s ideals. The trees were planted neatly and regularly, offering inhabitants little opportunities for getting lost. The Bijlmerjungle ended up as many utopian projects: no more than a dream.

Circa five hundred years earlier in 1516, the British humanist Thomas More coined the term ‘Utopia’ in his eponymously titled work of fiction. The concept of an ideal place (topos) that cannot (ou) become reality has occupied academics and artists ever since, and philosophising about alternative and ideal realities remains an important theme in the arts to this day. In 2016 the Congres van de Utopie (Congress of Utopia) was first held in Amsterdam, and the concept has been the subject of quite a few exhibitions in the Netherlands and abroad. The Biennale of Venice hosted the exhibition Utopia Station in 2003, showcasing works by over 150 artists. Art institutions often tend to use utopian-idealistic language, predicting and proclaiming better and brighter futures. For example: BAK in Utrecht has been having an ongoing program since 2017 referred to as Towards being together otherwise. Against what is so far becoming an increasing dystopian 2020, this title seems particularly poignant, this message remains equally pressing.

Article would like to invite authors to submit essays that touch upon the next issue’s theme: Utopia in the arts. Subjects that one could consider are:

  • Utopian architectural projects (Nagele, Kanaleneiland, Owen’s Dorp)
  • Utopian artist colonies, manifestations and artist groups
  • Institutional utopianism
  • Futurism
  • Art education for a better world (Bauhaus)
  • The role of the artist in the future (Der Blaure Reiter, Kandinsky)

Proposals for essays should be submitted before the 11th of May. The deadline for finished articles is the 1st of June. Essays should be between 1500 and 3000 words, but no more. We are also looking for artist contributions, textual and/or visual. Proposals for articles and artist contributions can be sent to article@stichting-art.nl.

Banner image: Amsterdam, Bijlmer, circa 1975, Siegfried Nassuth (photo: Dienst Stadsontwikkeling Amsterdam).